
- Wat heb je voor het eerst gedaan tijdens het maken van deze opdracht?
- Wie heeft jouw geholpen bij het maken van deze opdracht? Vertel bij welk onderdeel dat was.
- Wie heb jij geholpen om deze opdracht te maken? Vertel bij welk onderdeel dat was.
- Nu ben je klaar. Wat zou je de volgende keer anders doen?
- Het filmpje gekeken.
- niemand ik heb alleen gewerkt.
- niemand ik heb alleen gewerkt.
- Helemaal niks
